Eetschrijven

Vrijblijvende gedachtenspinsels van een culinair journalist.

21 augustus 2014

Een boerenmarktplein


Het zal weinigen van u, waarde eetlezers, zijn ontgaan dat ik een boek heb geschreven. Ja, ook omdat sinds een goed jaar de frequentie van mijn postjes hier nog verder is gedaald, en wel tot druppelniveau, zult u opmerken. Daar hebt u dan gelijk in. Ik hoop het met “Weg van de supermarkt”  allemaal een beetje goed te maken bij u. Ik vind met mijn legendarische bescheidenheid zelf dat het best een heel leesbaar boek is geworden. Maar dat mag u zelf beoordelen; het verschijnt over enkele weken.

Tijdens het schrijven van het boek ontdekte ik iets opmerkelijks: dat het nog altijd grote moeite kost om op internet informatie te vinden over leveranciers van wat ik voor het gemak maar even onder de noemer “echt en eerlijk eten” zal samenvatten. Wat er te vinden is, is versplinterd, onvolledig en niet zelden ook onbetrouwbaar. Ik heb meer dan eens voor de deur van een niet meer bestaande boerderijwinkel gestaan.

Omdat ik meende dat het toch niet zo moeilijk kon zijn om dat allemaal wat beter en professioneler aan te pakken, besloot ik zelf de handen uit de mouwen te steken. Het resultaat daarvan is nu in zijn prille vorm te vinden op www.boerenmarktplein.nl. Ik hoop die in de komende tijd te kunnen vullen met informatie over waar er in Nederland buiten de supermarkt om aan goed eten te komen is.

Daarbij kan ik uw hulp goed gebruiken, want ook ú kent natuurlijk fijne adresjes. Die winkel met bijzondere producten, die ambachtelijke producent van lekkere worst, die boerderijwinkel waar de karnemelk nog smaakt zoals vroeger, die boerenmarkt waar je je arm koopt als je niet uitkijkt, die leverancier van boerderijproducten aan huis die elke week weer zorgt voor fijne menu’s uit uw keuken.


Wat ik wil zeggen: ga er eens kijken. En deel vooral uw geheime tips. Al was het alleen maar omdat een leverancier van echt en eerlijk eten die meer bekendheid krijgt, ook makkelijker de strijd met de super kan volhouden. Win-win!







15 juli 2014

Leren koken


Het zal een maand of wat geleden zijn dat ik in mijn pittoreske eetschrijverswoninkje iets stond te koken voor een collega die bij mij te gast was en van wie ik de naam niet zal noemen. Omdat wij culijournaille altijd gespitst zijn op kunstjes die we van elkaar af kunnen kijken, had betreffende collega zijn glas crémant meegenomen naar mijn snobistisch ruim bemeten open keuken om toe te kijken hoe ik wat ui en knoflook verkleinde. Ik vond het prachtig gaan; hij niet: "Die snijtechnieken van jou zijn ook niet je dat, hè?", wierp hij mij na enig peinzen plompverloren voor de voeten.

Dat kwam hard aan. Eigenlijk had ik nooit goed leren snijden. Ik had zelfs alles wat ik in de keuken kon in de praktijk geleerd, hier en daar ingefluisterd door een professionele chefkok. Er komen hier prima dingen op tafel, maar kennelijk prikt een deskundige onmiddellijk door mijn techniek--of het gebrek eraan--heen.

Toen ik dus op Groupon las dat er voor een ronduit prettige prijs een introductiecursus basistechnieken beginners te boeken was bij  Kookstudio Amsterdam, besloot ik niet te aarzelen. Goed, er stond "beginners" maar ik kon maar beter de beker tot de bodem toe ledigen en bovendien sta je dan alvast niet voor aap temidden van een stel gevorderden. Hup: boeken! Ik kreeg nog te eten ook!

Op een mooie vrijdag begin juli--ik was één van slechts 1783 Nederlandse mannen die niet naar voetbal zaten te kijken--maakte ik mijn opwachting in het pand naast kookwinkel Duikelman aan de Gerard Doustraat om me daar gedurende een hele avond te laten bijpraten.

Nou ja, eigenlijk was ik ook wel nieuwsgierig naar de vakkennis. Ik stelde dus wat vragen en deed een paar dingen fout--uiteraard met opzet--en hield mijn oren en ogen goed open.

Het viel me bepaald niet tegen. We sneden julienne van een aantal groenten, fileerden poon en tongschar, beenden kip uit, leerden een préparation à table van een hele kip, sneden en roosterden groenten, maakten dressings, bereidden ijs en maakten een tarte tatin. Tussendoor kregen we nog heel wat warenkennis bijgebracht: hoe zie je het verschil tussen een plofkip en een eetbare kip, hoe zie je dat vis vers is en dat soort zaken. Conclusie: men kent zijn zaakjes, daar in Kookstudio Amsterdam. Logisch, want er loopt heel wat kookervaring rond. Het wordt allemaal helder en prettig overgebracht ook, in een heel relaxte sfeer. Men vergeet echt niet dat je er in de eerste plaats voor je plezier bent.

Daarna kon er worden plaatsgenomen aan tafel en kon het bereide worden opgegeten. Alleen al de maaltijd was het aan Groupon betaalde bedrag van € 37,50 al bijna waard, en helemaal als u weet dat er gul wijn werd geschonken.

Wat mij betreft dus niet alleen leuk om dan op mijn gevorderde leeftijd--geen der andere aanwezigen was veel ouder dan de helft van mijn jaren--toch nog eens te hebben meegemaakt, maar wat mij betreft ook zeer zeker een aanrader. De cursusprogramma's zien er ook prima uit en wie wil kan zelfs op locatie in Frankrijk een intensieve cursus gaan volgen.

Dat allemaal ga ik vermoedelijk niet doen, want ik ben sowieso monumentaal eigenwijs en er is nog zoveel méér te ervaren. Ik kan in elk geval weer iets beter snijden dan voorheen en dat is toch winst. In het ergste geval kan ik nog altijd besluiten de betreffende collega niet meer uit te nodigen.





30 juni 2014

Smeren


Alweer ruim zeven jaar geleden schreef ik op deze plek een open brief aan Paul Rosenmöller, toen nog betrekkelijk kersvers voorzitter van de pas opgerichte Stuurgroep Convenant Overgewicht. Ik vroeg me toen af hoe hij erbij kwam de overheid te laks te noemen en het bedrijfsleven als voorbeeld te stellen in het bevorderen van de volksgezondheid.

Antwoord heb ik nooit gekregen en gelezen heeft Rosenmöller mijn brief vermoedelijk ook nooit. We zijn inmiddels ruim zeven jaar verder, de Stuurgroep Convenant Overgewicht heet inmiddels Jeugd Op Gezond Gewicht (JOGG) en Rosenmöller is nog steeds voorzitter, zij het niet langer kersvers. Maar zijn overtuiging in de goedertierenheid van het bedrijfsleven is hij nog steeds niet kwijt. Dat ontdekten we aan de hand van een artikel in De Telegraaf, waarin Rosenmöller laat weten het niet nodig te vinden zijn steun te geven aan een burgerinitiatief dat snoepreclame gericht op kinderen wil laten verbieden.

Waarom niet? Hij komt dat probleem zo zelden tegen. Daarentegen werkt hij wel ontzettend fijn samen met bedrijven als Friesland Campina, Unilever, Coca-Cola  en McDonald's. De laatste twee zijn ook sponsor van JOGG. Dat vindt Rosenmöller naar eigen zeggen geen probleem. Dat zijn namelijk lokale afspraken.

Je krijgt onderhand sterk de indruk dat Paul Rosenmöller helemaal nergens problemen ziet. Hij vindt waarschijnlijk ook dat het allemaal prima gaat met de gezondheid van de Nederlandse jeugd. Dat hij op geen stukken na in de buurt lijkt te gaan komen van de doelstellingen van JOGG is vermoedelijk ook geen probleem. Het wachten is vermoedelijkop een persbericht waarin Rosenmöller verklaart dat "doelstellingen er zijn om bijgesteld te worden".

Intussen gaat Unilever op lagere scholen lesmateriaal aanleveren: kuipjes Blue Band en oefenboterhammen. Daarmee kunnen de kindertjes dan een heus smeerdiploma halen. Ongetwijfeld heeft Unilever daar allemaal een flinke smak geld voor uitgetrokken--weer eens een heel andere betekenis van het begrip smeergeld.

Paul "geen probleem" Rosenmöller ziet het allemaal minzaam aan. Hij is dik tevreden en nog lang niet van plan 'm te smeren. Waarom zou hij? Het loopt allemaal toch gesmeerd?





Lekker winkelen zonder zorgen - Gratis verzending en retour

20 mei 2014

Zeven min twee

Dit is de dag dat ik mijn zestigste levensjaar in ga. Ja, ik weet het: ik zie er veel jonger uit, dank u. En ja, ik zie er zelfs jonger uit dan vorig jaar rond deze tijd, maar laat ik niet op de zaken vooruitlopen. Wat ik eigenlijk wilde zeggen: vorig jaar rond deze tijd postte ik hier een bucket list van zeven dingen die ik in het afgelopen jaar wilde bereiken.

Zoals dat altijd gaat, is het niet allemaal gelukt. Die column of rubriek in dat landelijke dagblad? Je snapt het niet, maar nee, nog altijd niet. We houden de moed erin en zetten hem blijmoedig op de lijst voor dit jaar.

Maar eigenlijk klaag ik helemaal niet. Want de twee veruit belangrijkste items op mijn lijstje kan ik afstrepen. Dat boek? Dat is klaar. Ik heb het tussen 23 september vorig jaar en 31 maart dit jaar geschreven en heb gisteren de geredigeerde versie met mijn akkoord naar uitgeverij Unieboek-Het Spectrum gestuurd. "Weg van de supermarkt" verschijnt op 1 september van dit jaar. En ja, er kunnen bij mij gesigneerde exemplaren worden besteld en u kunt daar nú al op intekenen. Ik ben hier behoorlijk trots op, vindt u dat goed?

Het op één na belangrijkste item stond op nummer drie. Binnen een jaar op 99 kilo uit willen komen was best ambitieus voor iemand die zeven maanden eerder nog 130 kilo woog en op dat moment nog altijd 115. Maar ook dat is riant gelukt: al medio februari wees de weegschaal voor het eerst 98,9 kg aan, en met de 96 kg waar mijn gewicht uiteindelijk op uitkwam was ik met mijn 1,96 meter dik (haha) tevreden.

Eén punt is nog onbeslist: ik weet nog niet zeker of ik in het afgelopen jaar heb gegeten in een restaurant dat in de komende Michelin een ster krijgt, maar ik heb diverse ijzers in het vuur. Ook al noem ik voorzichtigheidshalve nog maar geen namen, ik heb er redelijk veel vertrouwen in.

De sterrenchef aan mijn tafel? Hij is nog niet aangeschoven, maar hij is uitgenodigd en hij heeft de uitnodiging geaccepteerd. Er komen ongetwijfeld foto's van de maaltijd. En nee: ook hier noem ik nog geen namen.

De misstand op eetgebied op de agenda krijgen? Misschien zorgt mijn boek daar wel voor. Want in Nederland is de politiek, ondanks alle schandalen van het afgelopen jaar, nog altijd niet zo heel erg geïnteresseerd in ons dagelijks voedsel. Het is onbegrijpelijk maar waar.

Ja, en dan is er tot slot dat margaritaijs. Dat ging niet helemaal zoals gepland. Het was lekker, maar er waren beren op de weg. Hele hebberige beren. Geen commercieel succes dus. Maar ik kan u vertellen: ik heb er gisteravond nog ééntje gegeten en wat is het toch heerlijk ijs. Voor vrienden maak ik het ook nog steeds, en eigenlijk is dat veel mooier.

Goed, ik ga vandaag een bescheiden feestje vieren want je begint niet elke dag aan je zestigste jaar. Godfried Bomans begon er zelfs nooit aan. En morgen ga ik weer verder met mijn tweede boek, dat--wilt u dat wel geloven?--volgens planning in mei volgend jaar verschijnt. En dat is dan, samen met die column of rubriek en die twee overstaande items, best wel weer even bucket list genoeg.






Lekker winkelen zonder zorgen - Gratis verzending en retour

15 mei 2014

Soep, heel lekkere!


Van de week stond ik in de Turkse winkel. Wat een fijne spullen heeft die man! Ik had het er in mijn column op puurgezond.nl gisteren al over. Groente waar Albert Heijn nog nooit van gehoord heeft, avocado's die écht eetrijp zijn, bananen waarbij de tijdspanne tussen onrijp en overrijp aanzienlijk langer is dan 17 minuten en 23 seconden.

En wat had hij ook? Een tubetje harissa, van "Le phare du Cap Bon", zoals ik ken uit de Franse hypermarché! Nu haalt de échte culisnob hier zijn neus voor op, want die vindt dat je dat spul zelf moet vijzelen, net als je Thaise curry, maar sorry, mensen: ik ben bezig met een boek dat een strakke deadline heeft en bovendien ben ik net een echt mens. Ik nam het tubetje mee, voor het vorstelijke bedrag van 65 cent. Want wat bij AH een loze belofte is, is bij de Turk werkelijkheid: hij let écht op de kleintjes.

Ik bedacht ter plaatse dat ik er een soep mee zou maken. Een soep waarvan ik vele jaren geleden het recept was kwijtgeraakt en waarvan ik dacht dat ik er sindsdien naar gezocht had. Dat bleek enorm mee te vallen: dat recept staat doodgewoon hier, maar dat was ik dus óók alweer vergeten--ik word volgende week nóg veel ouder dan ik eruit zie--en ik heb de soep dus andermaal opnieuw uitgevonden. Ik deed het nóg eenvoudiger en hij was verrukkelijk. Prompt vroeg men mij via Twitter om het recept. Dit was het gisteren:

- 1/2 liter groentebouillon
- 1 blik (1/2 liter) gepelde tomaten
- 1 dl passata
- 4 eetlepels pindakaas, liefst met stukjes noot
- 1 flinke koffielepel harissa
- 1 theelepeltje ras el hanout

Breng de bouillon aan de kook met de passaga en het vocht uit het blik. Snijd de tomaten in stukjes en laat ze even meewarmen. Voeg de harissa en de ras el hanout toe. Draai het vuur laag en roer de pindakaas door de soep; vooral niet meer laten koken nu.

Laat hem u smaken en raak vooral het recept niet kwijt. Dat doe ik wel weer over een paar jaar.






Lekker winkelen zonder zorgen - Gratis verzending en retour

10 mei 2014

Jazz voor foodies


Nee, niet echt jazz. Maar wel in zekere zin. Want ik was gisteravond bij de opening van een evenement dat qua sfeer onmiskenbare trekjes vertoonde van het North Sea Jazz Festival--maar dan met eindeloos veel beter eten en drinken en nog aanzienlijk prettiger publiek. En dat is logisch, want foodies zijn eigenlijk vrijwel altijd aardige mensen die ook nog eens weten wat lekker is. Met rommel kom je niet weg.

Goed, het Food Film Festival 2014 dus, of zoals het op het onvolprezen Twitter heet: #FFF14. Het evenement wordt dit jaar voor de vierde keer gehouden en omdat het meedogenloos uit zijn jasje was gegroeid in het oude Studio K is het nu verkast naar de Wester Gasfabriek in Amsterdam-West, een geweldige locatie die er precies de goede uitstraling voor heeft.

Ik woonde de opening bij die zowaar door staatssecretaris Dijksma werd verricht--een hoopgevend teken, want het laat in elk geval zien dat voedsel met alle daarmee samenhangende problematiek weer iets hoger op de politieke agenda is komen te staan. Goed, haar verhaal verzandde in de nodige vrijblijvendheid, maar het begin is er. Wie weet krijgen we straks echt mensen in regering en parlement die snappen dat voedselvoorziening, voeding en gezondheid niet geheel onbelangrijk zijn.

Aansluitend zag ik de film "Nieuwe haring", een documentaire waarin één van de slechts twee Nederlandse vissersschepen wordt gevolgd die nog op haring vissen--de rest van de vangst blijkt geheel te zijn overgenomen door hoofdzakelijk Denen en Noren. Het was een film van slow food-allure, van een verrukkelijke traagheid, Das Boot maar dan in een haringvangstvariant. In zo'n traagheid wordt elk detail groot en indringend, en dat geldt ook voor de schrijnende aspecten zoals de op het oog enorme hoeveelheid bijvangst (vooral makreel) die weer overboord wordt gemikt en die uiteraard de hele operatie niet overleeft. Het mocht in 2012 nog en gebeurt gegarandeerd nu ook nog steeds. Ook daarover is overigens een (ultrakorte) film in het programma opgenomen.

Maar wat het Food Film Festival zo leuk maakt is dat er meer is dan alleen maar film. Zo zijn er de workshops, de evenementen en vooral het restaurant. Vooral dat laatste is een must experience: voor een laagdrempelige prijs wordt een viergangenmaaltijd geserveerd die--niet verwonderlijk voor een keukenbrigade onder auspiciën van Samuel Levie en Joris Bijdendijk--absoluut sterwaardig is, waarbij het wijnarrangement een speciale vermelding verdient. Ik heb het allemaal geproefd en het is fenomenaal. Doen!

Maar dus wel snel! Food Film Festival 2014: nog vandaag en morgen.






Weekdeals (300x250)

01 mei 2014

Acht-R-lijk


1 mei is het vandaag, en dus is er geen oester meer te krijgen. Ja, er zijn nog heel wat mensen die dat klakkeloos aannemen. Sommige fabels zijn hardnekkig. Natuurlijk zijn er ook vandaag gewoon oesters. Het oesterseizoen loopt grofweg van half augustus tot eind juni. Dat geklets over die R in de maand was er toen uw eetschrijver nog een eetschrijvertje was ook al over levertraan. Ook al onzin.

Nog grotere onzin is dat het Franse woord voor oesters, huîtres, zou zijn afgeleid van "huit R" en een referentie zou zijn aan de acht maanden waarvan er een R in de naam zit. Liefst 2320 keer wordt dat fabeltje op internet verteld, en niet door de minsten. Ze worden in elk geval niet gehinderd door een al te ruime kennis van de Franse taal: "huîtres" heeft een accent circonflexe, zo'n dakje, en "huit" heeft dat niet. Omdat ik hier ooit voor heb doorgeleerd, weet ik dat die accent circonflexe er meestal op duidt dat er in het oud-Frans een s heeft gestaan achter de betreffende klinker. In de 15e eeuw was het woord dus huistres--en voilà: de etymologische gelijkenis met ons woord "oesters" is ineens zonneklaar.

Zo. Nu die kolder uit de wereld is kunnen we nog even lekker een maandje of twee doorgaan met oesters eten. In elk geval tot de Hollandse Nieuwe er weer is. Want daar moeten we, wat menige niet door veel eerlijkheid gehinderde visverkoper ook middels reclameborden mag beweren, echt nog tot 12 juni op wachten.






Weekdeals (300x250)

22 april 2014

Charlatan?


"Charlatan!", riep Midas Dekkers. "Oplichter! Hou nou toch eens op met je gezwets!". De plaats van handeling: de studio van waaruit het programma Pauw en Witteman wordt uitgezonden. Het mikpunt van Dekkers' tirade: Kris Verburgh, auteur van het boek "De voedselzandloper". Aanleiding: Verburgh had het gehad over 'de aard van de calorie'. Dat was niet naar de zin van Dekkers: "Een calorie is een calorie".

Daarin heeft Dekkers natuurlijk gelijk: er bestaat maar één soort calorie, en dat is een eenheid van energie. Maar dat is gelijk naar de letter. Naar de geest moet ik Dekkers beslist ongelijk geven: voedsel is natuurlijk méér dan alleen maar de som van het aantal calorieën, en wie de voedingswaarde van voedsel uitsluitend in calorieën uitdrukt, bezondigt zich aan kortzichtigheid.

Je eet het best en het gezondst wanneer de inname van calorieën en die van andere nutriënten in evenwicht is. Wie een pondje kristalsuiker naar binnen lepelt, heeft zijn calorieën voor de dag binnen. Hij komt echter allerlei macronutriënten (in dit geval vetten en eiwitten), micronutriënten (vitaminen, mineralen, sporenelementen) en voedingsvezels tekort. Vermoedelijk bedoelde Kris Verburgh, wat er ook verder op hem en zijn voedselzandloper aan te merken is, dat. En daar had hij dan groot gelijk in. Ik schreef het allemaal al eens eerder.

We moeten er sowieso eens vanaf, voedsel te beschouwen als een optelsommetje van calorieën en nutriënten. Daarmee impliceer je namelijk dat je straffeloos voedsel uit elkaar kunt halen om het op een andere manier weer in elkaar te zetten--dat dat zó maar kan zonder dat het gevolgen heeft voor de voedingswaarde, staat nog lang niet vast. Bovendien zet je de deur open voor malligheid als 'superfoods': voedsel waarbij de nuttige stofjes in zulke hoge concentraties aanwezig zouden zijn dat een hapje per dag je levensverwachting met decennia verlengt, of zoiets. Of dat tarwegras, qua smaak de levertraan van de 21e eeuw, met zijn zogenaamde fabelachtige voedingswaarde (aantoonbaar niet waar) en 'levende energie'. Allemaal overtrokken kolder.

Maar overtrokken, zo bleek gisterenavond wel, is het complete voedseldebat. Een tafel met een aantal experts die weinig anders deden dan tegen elkaar in schetteren en over elkaar heen tetteren, doorgaans allemaal tegelijk--zo hoog lopen de gemoederen op als het thema 'gezond eten' aan bod komt.

De gewone man is daarbij overigens de klos: ik betwijfel ten zeerste of er ook maar één gewone consument een sikkepit wijzer is geworden van deze uitzending. Die is precies even ver als voorheen: temidden van heel veel voedselbomen waarbij het bos geheel uit beeld is verdwenen. Jammer is dat, want op zich is het allemaal echt niet zo heel ingewikkeld.

Weet u wat? Ik schrijf er wel even een boek over. Ik ben nu toch bezig.






Weekdeals (336x280)

21 maart 2014

Culinaire hoogtepunten (3)

Vooropgesteld: ik heb niets tegen Kaiserschmarrn. Dat is een prachtig stuk culinair erfgoed dat de Oostenrijkers er zeker in moeten houden, om de hippe formulering te gebruiken. Maar het is wel een feit: in Oostenrijkse ski-oorden vind je in de pisterestaurants vrij weinig anders buiten dat repertoire. En dan bedoel ik de spullen uit warmhoudbakken in het "ongevaarlijke segment".

In het skigebied Serfaus-Fiss-Ladis wordt uit een heel ander vaatje getapt. Ik was vanmiddag in een buitengewoon stijlvol restaurant op 2500 meter hoogte waarvan ik heel eerlijk kan zeggen dat hoewel ik in mijn leven diverse malen beter heb gegeten, dat toch nog nooit boven de boomgrens was. Dat veranderde vandaag dus: voor de lunch was er een tafel gereserveerd bij Masner Fine Dine, en verdomd: dat was héél ver weg van het stereotiepe skipisterepertoire.












20 maart 2014

Cuilnaire hoogtepunten, dag 1

Laat ik het--tollend van de slaap en dus in zeer kort bestek--zo zeggen: het valt bepaald niet tegen!






19 maart 2014

Culinaire hoogtepunten


Soms is het leven echt heel zwaar. Bijvoorbeeld als je een mailtje ontvangt waarin wordt uitgelegd dat in het Oostenrijkse skigebied Serfaus-Fiss-Ladis de culinaire standaard ongewoon hoog ligt, zo hoog dat ze graag een eetschrijver willen uitnodigen om dat ter plaatse zelf te komen ervaren. Dan treft het dat de Enige Echte Eetschrijver ook een groot skiliefhebber is en na enig nadenken--het is wel slechts twaalf dagen vóór de deadline van zijn boek--bereid blijkt om één en ander in de praktijk te toetsen.

Kort en goed: morgenvroeg stap ik op het vliegtuig richting Innsbruck om van daaruit tot zo ongeveer de achtertuin van een prettig hotel te worden gevlogen, dat dan weer op luttele meters van de piste ligt. Morgen rond deze tijd heb ik vermoedelijk--na natuurlijk heel wat fysieke en andere inspanning--al een veel beter beeld van de substantie van bovengenoemde bewering. Ik ben voornemens u daar dan met de mij kenmerkende brute eerlijkheid van te berichten.

Kortom: bis später, wahrscheinlich ohne Kayserschmarrn!





Bulk 10-daagse 2+1 gratis

11 maart 2014

Gezond of niet? Debat brengt duidelijkheid!


Wetenschappelijk onderzoek moet betrouwbaar zijn. Alleen al daarom is het belangrijk dat er een algemeen aanvaarde methodiek wordt gehanteerd. Die komt er in kort bestek op neer dat hypothesen worden getoetst en dat daaruit conclusies worden getrokken. De resultaten van het onderzoek moeten eenduidig, herhaalbaar en verifieerbaar zijn, en worden gecontroleerd door andere wetenschappers.

Zo hoort het.

Maar dit is 2014 en kennelijk voldoen de oude regels niet meer. Nadat vorige week de WHO, op dezelfde dag dat het Voedingscentrum te keer ging tegen superfoods, een bericht de wereld in had gestuurd waarin werd aanbevolen de suikerinname te halveren, druppelen er nu berichten de media in die suggereren dat de suikersoep niet zo heet moet worden gegeten als ze wordt opgediend.

En waarom niet? Waren de wetenschappelijke gegevens niet eenduidig, niet herhaalbaar of niet verifieerbaar? Waren ze niet gecontroleerd door andere wetenschappers? Nee, niets van dat alles. Maar er was meer debat nodig. Debat met stakeholders--belanghebbenden in het Nederlands.

Kennelijk werkt het tegenwoordig zo. De WHO maakt zich zorgen over overmatige suikerconsumptie, en Coca-Cola maakt zich zorgen over de gevolgen van de zorgen die de WHO zich maakt. Want stel je voor dat mensen straks niet eens meer één blikje cola per dag kunnen drinken. Dat zou behoorlijk slecht zijn voor de gezondheid van Coca-Cola, nietwaar?

En dus moet er een debat komen om te zien welke zorgen zwaarder moeten wegen. En tot dat debat plaats heeft gevonden, kan het advies geen beleid worden. Dat mag pas als de wetenschappers die werken voor Coca-Cola en andere suikerpushers hun zegje hebben kunnen doen, met wetenschappelijke argumenten waarom het allemaal wel meevalt.

Als er iets nodig is voor gedegen wetenschappelijke conclusies, is het wetenschappelijke vrijheid. Je zou zo zeggen dat die behoorlijk onder spanning staan in het geval van wetenschappers die in dienst zijn bij bedrijven waarvoor bepaalde conclusies levensbedreigend kunnen zijn.

Die situatie lijkt me niet gezond. Werk aan de winkel voor de WHO?





Boekenweek voordeel

06 maart 2014

Super


Interessante actualiteit vandaag. Het Voedingscentrum kwam zo maar in het nieuws met een waarschuwing tegen superfoods. Die zijn namelijk een fabeltje, een verdichtsel, onzin. En het ergste is nog dat ons geloof in deze onzin ons duur te staan kan komen. We kunnen doorslaan in onze overtuiging. We kunnen geloven dat we een bepaald product in grote hoeveelheden moeten gaan eten of drinken. En zo lopen we het risico op een eenzijdig voedingspatroon.

Even voor de duidelijkheid: ik roep niet alleen al geruime tijd dat dat geleuter over de magie van superfoods echt wel eens mag ophouden, maar ook dat het allerbeste advies dat je qua eetpatroon kunt geven is om toch maar vooral zo gevarieerd mogelijk te eten, en vooral niet elke dag weer dezelfde zogenaamd supergezonde dingen in je mond moet stoppen.

Ik wou alleen maar dat het Voedingscentrum hierin ook wat consequenter was. Want over eenzijdig voedingspatroon en superfoods gesproken: wij moeten van datzelfde Voedingscentrum toch allemaal elke dag opnieuw zes à zeven volkorenboterhammen eten? Elke dag, zeven dagen per week, weer diezelfde zes tot zeven volkorenboterhammen omdat ze zo gezond zijn? Waarbij datzelfde Voedingscentrum ook nog heel erg waarschuwt tegen mensen die aanraden toch maar wat minder van dat eeuwige brood te eten, want zo'n advies tegen overmatig broodgebruik is toch wel heel ongezond en zelfs gevaarlijk?

En op die zes à zeven boterhammen waar we dus absoluut niet aan mogen twijfelen van het Voedingscentrum, daar moeten we dan toch ook elke dag allemaal weer Becel op smeren? Dat smeersel dat afgeladen vol zit (of eigenlijk: is gestopt) met allerlei stofjes waar je ultragezond van wordt? Dat spul waar zelfs een medicinale versie van bestaat, Pro-Activ genaamd, die je niet in de apotheek koopt maar gewoon in de supermarkt en die je dan gewoon ook aan je kinderen geeft? Een soort superfood, zeg maar? Dat moet toch ook? Elke dag opnieuw, 365 dagen per jaar?

Een ander opzienbarend bericht vandaag kwam overigens van de kant van de Wereld Gezondheids Organisatie WHO. Die adviseert ons allemaal met klem om toch vooral minstens de helft minder suiker te gebruiken, en liefst zelfs met tweederde te minderen.

Grappig. Daar heb ik het Voedingscentrum dan weer niet over gehoord vandaag. Dat zemelt nog altijd vooral door over vet. Vooral niet aan twijfelen, hoor. Dat is ongezond. Laat die WHO maar leuteren.





Boekenweek voordeel

13 februari 2014

Valentijn


Toen ikzelf nog een eetschrijvertje was en eetschrijven.nl nog een eetschrijventje, heb ik het ooit eens gedaan: een valentijnsmenu van eigen receptuur plaatsen. Dat dessert is trouwens erg lekker en ik maak het nog steeds af en toe, daar niet van. Maar dit blog is samen met zijn auteur gegroeid. Sterker, het heeft zichzelf een beetje overleefd want ik heb inmiddels veel opdrachtgevers en een boekcontract, waardoor ik aan bloggen nauwelijks meer toe kom. Ik weet het, dat is héél erg, al is het voor mij ook best fijn, want de schoorsteen moet roken.

Maar toen kwamen de aardige mensen van Jacob's Creek bij mij langs om te vragen of ik wel eens van hun Moscato en Moscato Rosé had gehoord en zo nee, of ik niet eens wilde uitproberen wat een fijne Valentijnswijnen dat waren en hoe goed ze bijvoorbeeld pasten bij pikante Aziatische gerechten. Dat wilde ik wel, en alzo geschiedde, en daaraan dankt u het, verweesde eetlezer, dat er hier ineens weer een stukje staat vandaag.

Of ik de proef geslaagd vond? Ik heb het eerlijk geprobeerd, maar ik geef even eerlijk toe: ik blijf het niet geweldig vinden, een uitgesproken zoete mousserende wijn bij een hartig Aziatisch gerecht, waar ik persoonlijk veel liever een mooie gewurztraminer bij drink--al is dat beslist ook een kwestie van smaak. De rosé ging er naar mijn mening nog iets beter bij dan de witte, maar ik was er niet ondersteboven van. U mag overigens zelf uitmaken of u het met mij eens bent: ik proefde beide bij dit gerecht.

Nee, het spijt me: moscato is en blijft wat mij betreft dessertwijn en in die hoedanigheid was deze van Jacob's Creek helemaal niet verkeerd. Hij heeft een fijn zoetje en hoewel hij wat meer zuur zou kunnen hebben maakt het lichte tinteltje veel goed. Daar móet zoet bij, vind ik, en omdat zoet en pikant best samen kunnen gaan vermoed ik dat de mensen van Jacob's Creek toch best tevreden zullen zijn met onderstaand receptje, dat u nog makkelijk op tijd klaar hebt voor morgenavond.

Overigens was dit mijn eerste ervaring met een licht mousserende wijn met schroefdop. Eén tip: niet al te achteloos opendraaien. Zeker als hij het de trip van winkel naar huis heeft gemaakt, zit er nog best kracht achter.

Mousse van mango met coulis van rode chilipeper

Nodig voor 2 personen (u houdt ervan over maar dat vindt u gegarandeerd niet erg):

Voor de mousse:
- 2 mango's
- 50 g witte basterdsuiker
- 250 ml slagroom
- wit van 1 ei
- 1 afgestreken eetlepel vanillesuiker

Voor de coulis:
- 1 rood pepertje
- 4 afgestreken eetlepels witte basterdsuiker
- 4 eetlepels grenadinesiroop

Maak eerst de mousse: snijd de mango in blokjes (dat gaat het makkelijkst door de mango rondom tot aan de pit in te snijden, de pit eruit te snijden en de twee helften in een ruitpatroon tot aan de schil in te kerven; daarna drukt u de schil in zodat de blokjes als de stekels van een egel overeind staan zodat u ze eraf kunt snijden). Weeg 300 gram mango af (eet de rest lekker op tijdens het koken) en pureer die met de staafmixer; daarna de suiker toevoegen en goed doorroeren. Klop nu eerst in een brandschone (!) kom met de mixer het eiwit stijf en daarna in een andere kom de slagroom met de vanillesuiker. Spatel voorzichtig het eiwit bij de slagroom en spatel er daarna de mangopuree door: doe dat heel voorzichtig en neem er vooral de tijd voor want u wilt zo veel mogelijk luchtbelletjes in de mousse houden. Schep de mousse in niet te grote kommetjes en laat die in de koelkast minstens een uur (drie is beter) opstijven.

Maak nu de coulis: breng de suiker aan de kook met 100 ml water en laat al roerend even doorkoken tot de suiker volledig is opgelost. Draai het vuur uit. Snijd het pepertje in ringetjes en laat die een minuut of tien in de suikerstroop trekken. Giet de suikerstroop door een zeef in een kommetje. Doe vier eetlepels grenadinesiroop in een tweede kommetje en roer hier eetlepel voor eetlepel pikante suikerstroop door tot de coulis naar uw smaak pittig genoeg is. Vooraf een klein beetje van de suikerstroop proeven geeft u een idee van hoe loeischerp die wel is--vooral niet overdrijven dus!

Opdienen: neem de kommetjes uit de koelkast, houd ze drie tellen in heet water, leg er een dessertbordje op en keer; met even schudden komt de mousse in op het bord te liggen. Schenk er aan tafel wat van de coulis over en drink er bij voorkeur de Moscato Rosé bij.

Jacob’s Creek Wit en Rosé (8,0% alcohol) zijn exclusief bij Albert Heijn te verkrijgen en hebben een geadviseerde verkoopprijs van € 6,59.





Lekker winkelen zonder zorgen - Gratis verzending en retour

30 december 2013

Zompige bollen

Ook dit jaar lopen de diverse tijdlijnen op de sociale media er weer vol mee: zompige oliebollen. Het wordt gebracht als betrof het een onvervalst pleonasme. Wat een treurnis. En wat onnodig. Want goede oliebollen zijn knapperig van buiten en luchtig van binnen. Een godsgeschenk.

Maar dan moet je niet naar de oliebollenkraam--nou ja, behalve misschien die enkele die wél een goede score haalde in de oliebollentest van het AD, maar daar moet je zo ongeveer nú in de rij gaan staan om er tegen oudejaarsavond met oliebollen vandaan te komen. Zelf bakken is veel leuker en vooral lekkerder.

Voor dat laatste is dan wel nodig dat je een beetje weet waar je mee bezig bent. Maar u daarmee op weg helpen is natuurlijk de bestaansreden van een eetschrijver. Ik vertel u:

- wat de werkelijke reden is dat mensen bier in het beslag doen (nee, het heeft NIETS met gist te maken) en wat u in plaats daarvan beter kunt doen
- welke tien gouden tips u de beste oliebollen opleveren
- wat het recept is voor de ultieme oliebollen

Ik wens u, met of zonder bollen, een fijne jaarwisseling. Doet u voorzichtig? Ik ben door de jaren heen nogal aan u gehecht geraakt!





Alles voor een geslaagde jaarwisseling!

20 december 2013

Driemaal liefde


Het was wel opmerkelijk: op twee achtereenvolgende dagen twee uitnodigingen voor een boekpresentatie, de eerste voor het boek "We Love Beef" van Alain Caron en Richard van Oostenbrugge, de tweede voor de titel "I love groente" van Janneke Vreugdenhil. En dan was er die derde liefde nog, die van Edwin Klaasen, die van brood en het bakkersvak houdt en die een bakboek schreef met de titel "Ik bak geweldig (jij trouwens ook)". Ik geef toe, het is allemaal alweer even geleden, maar voor wie voor een culivriend(in) of -familielid nog geen kerstcadeau heeft, is het een uitkomst. Want het kán tenslotte nog.

Hebbeboeken zijn het, alledrie, en nog voedingskundig complementair ook omdat ze over vlees, groente en brood gaan. En dan niet de treurproducten uit de super (nou ja, met de eerste twee kán dat wel, maar het zou doodzonde zijn), maar eerlijk en smakelijk spul, dat dan ook met zorg wordt benaderd.

Om te beginnen met "We Love Beef" van tv-persoonlijkheid, kookboekschrijver en kok Alain Caron en sterrenchef Richard van Oostenbrugge van Bord d'Eau  in Amsterdam: dat is een boek voor carnivoren die kwaliteit boven kwantiteit stellen. De twee auteurs behandelen het (Engelse, vandaar de titel) rund van voor naar achter en van buiten naar binnen en eten álles op. Dat is mooi en duurzaam, zelfs als je in overweging neemt dat rundvlees het vlees is met de zwaarste milieubelasting. Wat mij betreft geldt dus: niet al te vaak eten, maar áls je het eet, ga dan voor iets goeds van een ambachtelijke slager en zorg vooral dat je dit boek met zijn watertandende recepten, fantastische tips, mooie verhalen en schitterende fotografie in huis hebt.

Alle recepten zijn uitstekend maakbaar, zelfs voor hobbykoks--mits ze bereid zijn wat tijd te investeren in het boodschappen doen. Want zoals gezegd: de ingrediënten voor dit soort gerechten komen niet uit de hupsakeewinkel. Dit boek is een aanrader voor wie aan de hand van uitstekende aanwijzingen wil koken met lef en met respect voor een mooi product.

Natuurlijk staat "I love groente" van culinair journaliste en dagbladkok Janneke Vreugdenhil diametraal tegenover de vorige titel--en in andere zin dan juist weer helemaal niet. Want ook in dit groentekookboek staat respect voor mooie producten op de eerste plaats; ook hier is de receptuur van uitstekende kwaliteit en klopt alles gewoon uitstekend en is de fotografie ronduit zinnenprikkelend.

Vreugdenhil houdt van groente en dat steekt ze niet onder stoelen of banken. Ze is absoluut omnivoor, maar met groente heeft ze een innige liefdesrelatie. "Omdat ze zo veelzijdig zijn", zegt ze daar zelf over. "Met groenten kun je echt een beetje toveren". Ze houdt van groene blaadjes, van wortels en knollen, van pompoenen en paddo's, van bonen en erwten, van aubergines en courgettes, van tomaten en paprika's, van de familie ui, van kool & co en van nog veel meer. Met dat alles doet ze allerlei verrukkelijks. Wat mij betreft heb je voor een feestelijk diner genoeg aan dit ene boek met zijn verrukkelijke variatie waarmee je de gevreesde vleesvormige leegte moeiteloos naar het rijk der fabelen verwijst. Andere keer weer! Of niet. Ja, I love Janneke. En ú ook, als u dit boek in handen krijgt.

En dan is er nog #bakkertjezelf, zoals Edwin Klaasen al van oudsher aan zichzelf refereert op de sociale media. Hij veroverde niet alleen met zijn prachtige desembrood de harten van broodliefhebbers in het hele land, ook met zijn markante persoonlijkheid waar de passie vanaf spat weet hij de harten te stelen--een persoonlijkheid en een passie die hij met ziel en zaligheid in zijn brood én in zijn boek "Ik bak geweldig (jij trouwens ook)" weet te leggen.

Nee, dit is geen boek dat je even pakt omdat je graag voor morgenochtend een lekker desembroodje wilt bakken. Zo werkt het niet in bakkersland. Je hebt naast een aantal producten en hulpmiddelen een aantal basisbeginselen nodig en die worden je geduldig, liefdevol en beeldend uitgelegd. Als je eenderde van het boek gelezen hebt, góed gelezen zodat je weet hoe je moet kneden, hoe je ziet wanneer je deeg goed gerezen is, welke baktijd bij welk gewicht hoort, wat knuffeldeeg is en nog veel meer, kun je eens proberen aan de slag te gaan en een eigen desemtarwebrood, roggeknar of woeste knoest te bakken. En mocht dat mislukken, dan kun je in de sectie "broodproblemen" zien wat je vermoedelijk fout hebt gedaan. Bij mij gaat er geen woeste knoest meer fout, en ook mijn feestbrood met amarenenkersen, amandelspijs en een vleugje banketbakkersroom mag er wezen. Driedubbeldikke aanrader!

Dat "Ik bak geweldig (jij trouwens ook)" een onmisbaar boek is voor elke broodliefhebber kan één lezer van Eetschrijven overigens zelf constateren. Er ligt hier namelijk één gesigneerd exemplaar van dit fantastische bakboek klaar voor wie in een mailtje aan bakboek(appelttaartje)eetschrijven(stipje)nl het best duidelijk weet te maken waarom hij/zij en niemand anders dit boek thuisgestuurd moet krijgen. Ja, we blijven hier winnen, maar het zijn dan ook feestelijke tijden.

Laat maar komen, die mailtjes!

We Love Beef
Alain Caron en Richard van Oostenbrugge
Uitgeverij Carrera culinair
168 bladzijden
adviesprijs € 25,00
ISBN  978-90-4881-899-0
(ook bij bol.com te bestellen via onderstaande link: eetschrijver loves you)

I love groente
Janneke Vreugdenhil
Uitgeverij Nieuw Amsterdam
160 bladzijden
adviesprijs € 19,95
ISBN  978-90-4681-594-6
(ook bij bol.com te bestellen via onderstaande link: eetschrijver loves you)

Ik bak geweldig (jij trouwens ook)
Edwin Klaasen
Uitgeverij Desemenzo (eigen beheer)
252 bladzijden
adviesprijs 29,95
ISBN 978-90-9027-648-9
uitsluitend te bestellen via http://ikbakgeweldigjijtrouwensook.nl/





19 december 2013

Winnaars!

Precies om 22:16 vanavond meldde zich hier de miljoenste unieke bezoeker. De drie winnaars van een etentje bij Restaurant Dwars in de Amsterdamse Jordaan zijn bekend: zij zaten respectievelijk 7, 9 en 16 minuten van het magische tijdstip af. Ze hebben inmiddels bericht gekregen.

Ik vind het erg leuk dat er zoveel mensen een poging gewaagd hebben en nog leuker dat er al zo onbegrijpelijk veel mensen mijn gedachtenspinsels zijn komen lezen. Blijf dat vooral doen, zowel in blog- als in boekvorm!

Naar het miljoen!


Ik had het zo mooi uitgedacht: "Op de dag zelf plaats ik hier een berichtje. Vanaf dat ogenblik kan er gemaild worden". Had ik er toen ik dat postte ooit rekening mee gehouden dat de mijlpaal van het miljoen wel eens in de kleine uurtjes zou kunnen worden bereikt? En dat ik dan mooi te laat zou zijn met mijn post? Nee, natuurlijk niet. Maar daar ziet het wel naar uit.

Goed, dan maar zo: als het zo gaat zoals het normaal gaat (maar wat is normaal? het gaat soms ineens veel sneller of veel trager en ik heb dat zelfs na bijna een miljoen unieke bezoekers nog niet helder in beeld), is het in de komende 24 uur zo ver. Er kan dus vanaf nú gemaild worden.

Hoe was het ook weer? De drie lezers die mij het dichtst bij het magische moment een mailtje sturen waarin ze vertellen dat ze zin hebben in een etentje bij een levensgenieter en in gezelschap van een levensgenieter (en eventueel waarom, gewoon omdat ik dat leuk vind), krijgen een uitnodiging om met mij op een in gezamenlijk overleg te bepalen moment uit eten te gaan bij Restaurant Dwars (hier mijn bespreking, hier hun eigen website) in de Amsterdamse Jordaan.

Waar die mail naartoe moet? Simpelweg naar miljoen(appeltaartje)eetschrijven(stipje)nl. Dus let op: eetschrijven.nl met een N en niet eetschrijver.nl met een R, want dat komt NIET aan!

Succes!

Oh, en bij mailtjes die tot op de seconde gelijk binnenkomen? Gooi ik een muntje op. Of zo. Zonder notaris erbij. Dus daarover niet klagen, op straffe van diskwalificatie. :-)

EDIT: goed lezen, hè mensen! Het is de bedoeling zo dicht mogelijk bij het magische moment een mailtje te sturen. Dus iedereen die in zijn enthousiasme meteen in de digitale pen geklommen is, krijgt nog een tweede kans. Zo ben ik dan ook wel weer. :-) Het gaat overigens ineens best redelijk hard met de bezoekcijfers. Dat ook wel weer.





Voordelige cadeaus voor onder de boom